Nieuwe markttoezichthouder

Binnen het kabinet-Rutte wordt gewerkt aan een nieuwe organisatie voor markttoezicht. De toezichthouder wordt een bundeling van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa), de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA) en de Consumentenautoriteit. Hier vindt u een korte geschiedenis van – de discussie over – de organisatie van het markttoezicht.

 
 

Toren waarin OPTA en NMa zijn gehuisvest

 

1997: Oprichting eerste markttoezichthouders

Aan het eind van de vorige eeuw worden in Nederland verschillende markten geliberaliseerd. Daarbij worden markttoezichthouders opgericht. In 1997 ziet de OPTA het levenslicht, in 1998 de NMa en DTe.

1998: Uitgangspunten

Het eerste Paarse kabinet streeft naar “heldere uitgangspunten” over de inrichting van het toezicht. “Zonder duidelijke uitgangspunten is er een reëel gevaar dat het toezicht versnipperd raakt over verschillende toezichthouders en er inconsistenties sluipen in de toepassing van mededingingsbegrippen. Dit heeft evidente bezwaren: de klant weet niet waar hij aan toe is, toezichthouders kunnen tegen elkaar worden uitgespeeld, er kunnen inconsistenties ontstaan met de Europese regelgeving. Zelfs kunnen uit de inconsistente toepassing van mededingingsbegrippen aansprakelijkheden voor de Staat voortvloeien.”

Begin 1998 publiceert het kabinet het standpunt over “Zicht op toezicht”, het rapport van de werkgroep-Visser over toezicht bij geprivatiseerde nutssectoren. Het kabinet vindt er tussen toezichthouders “overeenstemming” moet zijn over de uitleg van zogenaamde mededingingsbegrippen. Ook wordt het “kamermodel” geïntroduceerd. In dit model zijn er kamers binnen de NMa voor sectorspecifiek toezicht.

1999: DTe kamer bij NMa

De energietoezichthouder DTe maakt vanaf 1 juli 1999 als kamer deel uit van de NMa. DTe was al sinds eind 1998 ondergebracht in hetzelfde  gebouw en kon van dezelfde voorzieningen gebruik maken. In de Elektriciteitswet 1998 wordt geregeld dat de directeur-generaal van de NMa een aantal formele bevoegdheden heeft. Zo kan hij algemene en bijzondere aanwijzingen geven aan de directeur DTe als het gaat om de uitleg van mededingingsbegrippen.

2001: Perspectief OPTA als kamer bij NMa

Het kabinet geeft aan ook het sectorspecifiek toezicht op de telecommunicatie- en postmarkt in 2005 als kamer bij ” de zbo NMa”  te willen onderbrengen. Tot die tijd moet OPTA zelfstandig blijven. De kamer komt er ” ervan uitgaande dat naar het oordeel van het kabinet het zbo NMa de toepassing van de Mededingingswet naar behoren uitvoert en dat het kamermodel goed functioneert”. Het kabinet vraagt aan OPTA en NMa om begin 2002 met een gezamenlijk voorstel te komen “met betrekking tot de versterking van de samenwerking bij de toepassing van mededingingsbegrippen, teneinde deze versterkte samenwerkingsrelatie in 2003 te kunnen effectueren.

2002: Oprichting Autoriteit Financiële Markten

De Autoriteit Financiële Markten (AFM) wordt opgericht, als opvolger van de Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE). De AFM houdt toezicht op het gedrag van financiële ondernemingen.

2002: OPTA en NMa willen versneld fuseren

In 2002 laten OPTA en NMa aan toenmalig minister Jorritsma weten dat zij versneld willen fuseren. “OPTA en NMa menen dat een snelle integratie hen in staat stelt hun taken met een maximale effectiviteit uit te oefenen. Zij constateren dat hun taken uiteindelijk gericht zijn op hetzelfde doel: het optimaal laten functioneren van markten, ten behoeve van consumenten en ondernemingsklimaat”, aldus hun gezamenlijke persbericht.

2003: Reactie ministers op fusievoorstel OPTA en NMa

Minister Heinsbroek schrijft in de begroting voor 2003:“Ook moet het toezicht op het naleven van de spelregels consistent en samenhangend zijn. Daarvoor wordt de OPTA samengevoegd met de NMa en wordt binnen de NMa een vervoerskamer opgericht. Verder is EZ met VWS in gesprek over de vormgeving van het mededingingstoezicht in de zorgsector.”

Minister Hoogervorst zegt op 20 november 2002 in de Tweede Kamer: “Ik ben voorstander van het samengaan van NMa en Opta en acht het daarom noodzakelijk dat de NMa daarvoor de status en rechtspersoon krijgt van zelfstandig bestuursorgaan. De daarvoor noodzakelijke wetgeving is in voorbereiding.”

Het jaarverslag van het ministerie over 2002 meldt dat de voorbereidingen zijn gestart voor de fusie van NMa en OPTA. De NMa meldt in haar jaarverslag: “In de aanloop naar de formele fusie werken OPTA en NMa, binnen de nu geldende wettelijke kaders, intensiever samen, onder meer door uitwisseling van medewerkers en van kennis over toezicht en regulering.
De Minister van Economische Zaken heeft ingestemd met de integratie van OPTA en NMa. Het ministerie bereidt de voorstellen voor wetswijzigingen voor die nodig zijn voor het samengaan. In 2003 werkt de NMa samen met het ministerie en OPTA aan de voorbereidingen van de integratie.”

Op 7 november 2003 meldt minister Brinkhorst: “Momenteel acht ik het nog niet opportuun om de NMa en OPTA te integreren. Ik wens mij nu nog te beraden of het samengaan van beide toezichthouders inderdaad een effectiever handhavingsysteem oplevert dan twee afzonderlijke toezichthouders. Een dergelijk samengaan van de beide toezichthouders wens ik niet uit te sluiten, maar ik acht het nog te vroeg om hierover nu een besluit te nemen.
Ik ben wel van mening dat de NMa op termijn rechtspersoonlijkheid moet krijgen. Een daartoe strekkend voorstel zal spoedig worden voorbereid. Alvorens de NMa rechtspersoonlijkheid verkrijgt, dient een jaar proef gedraaid te worden met een systeem van baten-lasten. Het wetgevingstraject hiervoor en dit proefdraaien duurt dus minimaal een jaar. Naar mijn mening hoeft een verdere behandeling van het wetsvoorstel NMa ZBO hier echter niet op te wachten.”

Op 19 mei 2004 meldt Brinkhorst: “Het huidige kabinet wenst een eventuele integratie van de NMa met OPTA te overwegen wanneer zich daarvoor een «natuurlijk moment» voordoet.”

2004: Oprichting Vervoerkamer

 1 januari 2004: officiële oprichting Vervoerkamer.

2005: Kamers geïntegreerd binnen NMa

Op 1 juli 2005 wordt de NMa een zelfstandig bestuursorgaan. Op dat moment wordt DTe ook volgens de wet een “kamer” binnen de organisatie. De NMa heeft ook een Vervoerkamer.

2006: Oprichting Nederlandse Zorgautoriteit

De Nederlandse Zorgautoriteit is opgericht per 1 oktober 2006, als opvolger van CTG en CTZ. Het is de bedoeling dat de NZa later (in 2008) opgaat in de NMa.

2006: ConsuWijzer

Sinds oktober 2006 bestaat de website van ConsuWijzer. ConsuWijzer is het informatieloket waarin NMa, OPTA en Consumentenautoriteit (zie hierna) samenwerken.

2007: Oprichting Consumentenautoriteit

Toren waarin de Consumentenautoriteit is gevestigd en die ook wordt gebruikt door de NMa

In het kader van de voorbereiding van de Consumentenautoriteit verwerpt de Tweede Kamer op 30 juni 2006 een motie van de VVD (die overigens wel werd gesteund door de toenmalige Groep Wilders). De motie overweegt “dat het aantal toezichthouders niet moet worden uitgebreid”. De indiener “verzoekt de regering bij eventuele toekomstige verzelfstandiging van het consumententoezicht niet een nieuwe toezichthouder op te richten, maar het consumententoezicht onder te brengen bij een reeds bestaande toezichthouder”.

De VVD en Groep Wilders in de Tweede Kamer stemmen tegen het wetsvoorstel over de Consumentenautoriteit. De wet kwam er wel, de Consumentenautoriteit ging op 1 januari 2007 officieel van start.

2009: Markttoezichthoudersberaad

Zes toezichthouders ondertekenen in 2009 een intentieverklaring om het “Markttoezichthoudersberaad”  op te zetten.  Het gaat om AFM, Consumentenautoriteit, DNB, OPTA, NMa en NZa.

“Dit beraad vormt de basis voor een structurele dialoog, met als doel kennisdeling en uitwisseling van ervaringen over zaakoverstijgende thema’s en dilemma’s die zich lenen voor een gemeenschappelijke benadering. Het beraad is een aanvulling op de (veelal bilaterale) samenwerking die op basis van de bestaande samenwerkingsprotocollen al plaatsvindt in specifieke zaken.”

2010: Werkgroep-Van Rijn pleit voor clustering markttoezicht

In april 2010 brengt een ambtelijke werkgroep een rapport uit in het kader van de “Brede heroverwegingen”. Het rapport over bedrijfsvoering (“Van schaven naar sturen”) bevat het voorstel om markttoezicht te clusteren:

“Het primaire proces van de Nma, OPTA, NZA en CA kent de nodige raakvlakken. Alle vier zijn ze belast met markttoezicht op soms dezelfde (deel)markten, hebben daarvoor elk een juridische dienst die een zeker vergelijkbaar kennisniveau vereist en maken vergelijkbare marktanalyses. Bovendien moeten de medewerkers van deze verschillende organisaties over dezelfde competenties beschikken. Clustering van deze organisaties kan leiden tot het beter benutten van synergiemogelijkheden en kan leiden tot besparingen. Ook kan door het scherper maken van de onderlinge taak- en bevoegdheidsafbakening de toezichtlast worden verminderd.
Een vergelijkbare situatie doet zich voor ten aanzien van het OPTA-deel dat gaat over nummerbeheer en –uitgifte, het CvdM, het CIPO (commissariaat Integriteit Publieke Omroepen), het Stimuleringsfonds voor de Pers en het Agentschap Telecom. Deze diensten kunnen gebundeld worden tot een cluster voor het media- en e-communicatiedomein.”

2010: Minister Verhagen denkt aan samenvoeging markttoezichthouders

Minister Verhagen zegt op 24 november 2010 in de Tweede Kamer:
“Ik kan mij op zich goed vinden in een bundeling van het aantal toezichthouders. Daarbij liggen de NMa, de OPTA en de Consumentenautoriteit voor de hand. Dat is ook in lijn met de ambitie om tot een meer slagvaardige en kleinere overheid te komen. Samenvoeging draagt bij aan een effectievere en efficiëntere organisatie, een beter gebruik maken van de aanwezige kennis en de inzet van medewerkers bedrijfsvoering. Dan kan er ook geen onduidelijkheid bestaan over de vraag wie waarover gaat. Tegelijkertijd is ook gelet op de mogelijke bezuinigingen. De werkgroep brede heroverwegingen heeft ook het een en ander gezegd over de bedrijfsvoering en het is goed om naar mogelijkheden tot samenvoeging te kijken. Er is inderdaad wel wat synergie te bereiken in het sectorspecifieke toezicht door de Nederlandse Zorgautoriteit en het algemene mededingingstoezicht door de Nederlandse Mededingingsautoriteit. Ik weet echter niet of het één op één koppelen van het toezicht het meest voor de hand ligt. Ik zeg wel toe dat ik met mijn collega van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de mogelijkheden voor wat meer synergie tussen beide vormen van toezicht zal bezien. Tegelijkertijd moeten wij ons niet rijk rekenen. Uit alle berekeningen blijkt namelijk dat er een bezuiniging kan worden bereikt van rond de 10% maximaal. Wij zullen goed moeten kijken naar de juridische consequenties en naar medezeggenschapsaspecten op dit punt. De heer Verhoeven vroeg mij, specifiek in te gaan op de positie van de consument. Ik wil ernaar kijken en zal de Kamer begin volgend jaar informeren over mogelijke voorstellen, waarbij alle elementen, zowel volksgezondheid als de positie van de consument, worden meegenomen.”

2011: Blauwdruk nieuwe markttoezichthouder

Op 10 maart 2011 meldt het FD dat het kabinet NMa, OPTA en Consumentenautoriteit wil bundelen. Een “blauwdruk” is in de maak.

Op 25 maart stemt de ministerraad in met de samenvoeging van drie markttoezichthouders: NMa, OPTA en Consumentenautoriteit. De komende tijd “beziet” het kabinet of ook taken van de Nederlandse Zorgautoriteit worden overgeheveld.

Lees hier het persbericht van 25 maart 2011. Volgens het kabinet zorgt de fusie voor meer slagkracht en minder overlap.

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder markttoezicht, Uncategorized

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s